Jippie! Mijn ouders komen op bezoek! Hoewel we elkaar nog maar pas gezien hebben in Zweden, kijk ik toch enorm uit naar hun komst. In Stockholm kon ik hen wel al veel vertellen over ons leventje in Boston, maar nu kan ik hen eindelijk onze tijdelijke thuis laten zien. Voorzien van twee Amerikaanse vlaggetjes en een custom-made naambordje, trekken Thomas en ik naar Logan International Airport om mijn oudjes op te pikken. Ondanks onze inspanningen, vallen we helemaal niet op tussen de andere wachtenden: onze vlaggetjes verdwijnen in het niets bij de gigantische lap stof van onze buren, en in tegenstelling tot de meeste anderen hebben wij geen bos bloemen of cadeaus mee voor mijn ouders. Zou ik dan toch een slechte dochter zijn?
Terwijl we op onze munchkins knabbelen, houd ik aandachtig de toegangspoort in de gaten. Telkens de deur openzwaait, sta ik klaar om met mijn vlaggetjes te wapperen, en om mijn ouders te verwelkomen in Boston, maar elke keer opnieuw word ik teleurgesteld. De vlucht van mijn ouders is ondertussen al meer dan een uur geland, en bijna alle families rond ons lijken herenigd. Zouden mijn ouders hun aansluiting in London gemist hebben? Of werden ze tegengehouden aan de douane omdat ze Belgische snoepjes en chocolade aan het binnensmokkelen zijn voor ons? Net wanneer ik de hoop op een happy ending bijna helemaal heb opgegeven, zie ik een stuk of drie gigantische valiezen de aankomsthal binnenrijden, waar het blinkende hoofd van mijn vader nog net bovenpiept.
Daarna is het tijd voor een eerste kennismaking met Boston van op de grond. Aangezien hun hotel rechtstreeks verbonden is met Prudential, is deze mooie winkelgalerij onze logische eerste stop. Volledig in overeenstemming met het levensmotto van mijn ouders “Nooit moe, maar altijd dorst”, hoor ik hen geen enkele keer klagen over de jetlag, en beginnen we onze stadswandeling met een terrasje. Daarna gaan we over tot het serieuze werk: ik loods hen naar de bibliotheek, laat hen ontdekken waarom ik Copley zo’n fantastisch mooi plein vind, en neem hen mee naar de superverzorgde Public Garden. Mijn ouders vinden het allemaal even mooi, en ik ben trots dat “mijn” Boston hen kan bekoren.
Ik heb er geen idee van wie die Norm wel mag wezen, maar uit de lijst met zijn citaten in het souvenirwinkeltje blijkt dat het een erg wijze man was.
Norm: Terrorists, Sam. They've taken over my stomach. They're demanding beer.
Sam: What will you have, Norm?
Norm: Well, I'm in a gambling mood, Sammy. I'll take a glass of whatever comes out of that tap. Sam: Oh, looks like beer, Norm. Norm: Call me Mister Lucky.
Woody: Can I pour you a draft, Mr. Peterson?
Norm: A little early, isn't it Woody? Woody: For a beer? Norm: No, for stupid questions.
|
|||
Norm!
Nog twee leuke Cheers feitjes:
* Telkens Norm binnenkwam riep iedereen "Norm!".
* Een personage uit die sitcom heeft later zijn eigen sitcom gekregen die zo mogelijk nog populairder was: de hautaine psychiater... Frasier!
Cheers!