Nadat we afscheid hebben genomen van het mondaine Newport trekken we naar Cape Cod, dé vakantiebestemming bij uitstek van de gemiddelde New Yorkers en Bostonianen. Ik ken Cape Cod vooral van de vele kitscherige schilderijtjes met idyllische landschappen en vuurtorentjes die je hier overal kan vinden.
We trekken naar Provincetown, een stadje op het uiterste punt van het schiereiland dat gekend is voor twee dingen: kunst en homo’s. Tussen de talloze kunstgalerijen slenteren mannen arm in arm door de straten, en bijna alle winkels zijn voorzien van gigantische regenboogvlaggen en reclameposters met halfnaakte mannen. Ondanks het vroege uur is het in de meeste cafés al erg druk, en wanneer we binnengluren, kunnen we zien hoe het overwegend mannelijke publiek zich schaamteloos uitleeft (en uitkleedt) op foute nummers van Wham! en Madonna. Niemand kijkt vreemd op wanneer twee mannen in badpak ons voorbijfietsen.
Via een gevaarlijke golfbreker vol losse stenen wagen we ons dieper in het natuurgebied om te genieten van de combinatie van een zeebriesje bij het geluid van het klotsende water. Op de achtergrond zien we één van de typische vuurtorentjes, en naast ons een mooi duinlandschap. Het clichébeeld van Cape Cod klopt, en het contrast met het drukke New York van gisterenochtend kan niet groter zijn. We keren terug naar Hyannis, waar ik mijn tweede en voorlopig laatste nacht zonder Thomas naast mij doorbreng.
Omdat het er vandaag niet echt naar uitziet dat het strandweer zal worden, besluiten we om een paar uur vroeger dan gepland richting Boston te vertrekken. Het duurt niet lang voor we érg blij zijn dat we veilig binnen zitten: het is zo hard aan het gieten dat we amper de auto voor ons kunnen zien. De stortbuien maken niet gemakkelijk voor mijn vader om te rijden, maar na anderhalf uur staren naar de mist, zien we eindelijk de torens van Boston voor ons verschijnen. Ik zet mijn ouders af aan hun tijdelijke optrekje (de Hilton, deze keer) en daarna neem ik de bus naar huis om eindelijk herenigd te worden met mijn man. Als ik de deur opendoe, zie ik een zielig hoopje ellende in de zetel liggen: Thomas heeft 39° koorts, en tal van symptomen die verdacht hard op Mexicaanse griep lijken. Hij is niet eens blij dat ik terug ben, hij is alleen maar opgelucht dat er weer iemand is die voor hem kan zorgen. Ik zet een potje thee, en geef hem een bolletje ijs tegen de keelpijn. Van zodra zijn keelpijn voldoende verzacht is dat hij kan spreken, fluistert hij “Zie je wat er met mij gebeurt als je mij alleen achterlaat?”. |
|||
hi idd, fantastisch da je
hi
idd, fantastisch da je terug aant schrijven gegaan zyt..
mijn koptelefoon ligt momenteel al in brussel (amai, dat kot, amai brussel), dus kan nie skypen, tenzij ik het van iemand effen kan lenen..
nieuws gisteren gevolgd, kim clijsters doe het goe e..
misschien wordt da een extra reden om nog es na new york te gaan..
waarom zijt jij daar en ik hier? xx
tsk
Wat voor een vrouw laat haar man zomaar 2 dagen achter :)
Maar je potje thee maakte volgens mij wel veel goe ;)
joepie
en ps: joepie! weer leesvoer om 's ochtends de werkdag te beginnen!