De conferentie gaat door in het JW Marriott Texas Hill Country hotel. De site deed mij al vermoeden dat het hotel de moeite ging zijn, en de reactie van de taxichauffeur die ons erheen zal brengen bevestigt mijn voorgevoel alleen maar. Toch ben ik onder de indruk wanneer ik het hotel plots naast ons zie opdoemen. Het is een gigantisch complex met onder andere twee golfbanen, een enorm zwembad (inclusief Lazy River) en vijf restaurants met elk een eigen karakter.
Het nadeel van een resorthotel als dit, is dat het nogal afgelegen ligt. In Stockholm en Toronto, de vorige keren dat ik mee mocht op conferentie, kon ik overdag gaan shoppen of gaan struinen door het centrum van de stad, maar dat zit er hier niet in. Omdat ik toch graag iets om handen heb, heb ik me dan maar opgegeven als vrijwilliger om te helpen tijdens de conferentie. Op die manier zit ik overdag niet alleen, én mag ik binnen op alle fancy feestjes die tijdens de conferentie georganiseerd worden.
Ik moet pas op de laatste twee dagen van de conferentie echt in actie schieten als vrijwilliger, dus op de eerste twee dagen kan ik het rustig aan doen. Terwijl Thomas aan zijn presentatie werkt, lig ik in de lazy River. Als Thomas om 7u opstaat om naar de eerste sessie van de dag te gaan, draai ik me nog eens om in ons king size bed, terwijl ik probeer om niet te verdwalen tussen onze negen kussens.
De dansles is niet bepaald een succes. Hoewel de pasjes extreem eenvoudig zijn (vier stappen naar links, terugkeren, vier naar achter, en evenveel terug naar voor) slaagt de meerderheid er niet in om er een gestroomlijnd geheel van te maken. Ik vind het verfrissend om te zien hoe proffen, dokters en doctors; mensen die gewend zijn om uit te blinken in hun vak; zo staan te sukkelen op de simpele danspasjes. De leraar legt de muziek verschillende keren stil omdat hij het niet meer kan aanzien, maar ik ben mij geweldig aan het amuseren. Het enige dat ik een beetje jammer vind, is dat ik geen cowboy boots aanheb: daarmee zou de “heel and toe” ongetwijfeld nóg leuker zijn.
De volgende dag begint het echte werk voor mij. Ik heb me opgeschreven om aan de registratiedesk te gaan zitten, maar de laatste twee dagen van de conferentie is daar heel weinig werk. Ik krijg dus volop de tijd om de Texaanse oma’s te leren kennen die door de stad worden ingehuurd om te helpen op dit soort grote evenementen. Ik ben ook een paar keer “session assistant”: er wordt van mij verwacht dat ik mogelijke crisissen opvang, en dat ik alles doe om de sprekers tevreden te houden. In de praktijk betekent het vooral dat ik tijdens de vragenronde rondloop met de micro door de hele zaal. Tijdens de sessie van Thomas was voorzien dat ik aan de registratie zou zitten, maar op het allerlaatste moment krijg ik de rest van de dag vrij omdat er toch geen werk meer is. Omdat ik zenuwachtiger ben dan Thomas, lijkt het ons geen goed idee om mij in het publiek te zetten tijdens zijn presentatie, maar van zodra hij gedaan heeft glip ik de zaal binnen. Terwijl de rest van het volk naar buiten loopt, wordt Thomas omsingeld door nieuwe fans van zijn werk, die maar niet kunnen zwijgen over hoe indrukwekkend zijn presentatie was. Ik zit te blinken in mijn stoel, fier als een gieter, alsof ik GenomeView zelf ontworpen heb.
Volgend jaar is de conferentie in Disney World, Orlando. Ik hoop maar dat Thomas weer een uitnodiging krijgt om te gaan spreken… |
|||