Om 6:30 (jawel, zes uur dertig!) gaat de wekker al af. Na de mislukte poging van gisteren, willen we vandaag zeker op tijd vertrekken om de eerste boot naar Liberty Island te halen. Wij dachten dat die al om half negen vertrok, maar dat blijkt niet te kloppen. De eerste boot is pas om half tien, en dat betekent dat wij een uur te vroeg in de rij staan. Toch staan we hier zeker niet alleen: er staat onder andere een volledige school aan te schuiven, en de jongelui proberen de koude te verjagen door zo luid en zo vals mogelijk te zingen. Zonder succes overigens.
Op Liberty Island maken we een korte wandeling rond het standbeeld, waarbij we ongeveer elke 2 meter stoppen voor een foto. We raken simpelweg niet uitgekeken op deze imposante dame.
Voor mij is het bezoek aan Ellis Island een aangename verrassing. Ik had hier niet zo veel van verwacht, maar ik vind de expo bijzonder interessant. Dit is de plaats paar miljoenen families herenigd werden, of tijdelijk uit elkaar werden gehaald, waar dromen uitkwamen en kapotgeslagen werden. Vroeger kon je gewoon op een boot stappen, en een nieuw leven beginnen in Amerika. Dat is nu wel anders: nu kan je alleen nog Amerikaan worden als je trouwt met een Amerikaan(se), de Green Card Lottery wint, een paar miljoenen op overschot hebt die je wil investeren in de mighty US of A, of als je een uitzonderlijk artiest/model/wetenschapper bent en tot de wereldtop behoort in je vakgebied.
Na de Museum Mile, waar ik vooral het Guggenheim heel mooi vind, laten we de bus voor wat hij is en maken we een wandelingetje door Central Park. We komen het park binnen naast een heel mooie vijver, waar een saxofonist de boel opleukt met een vrolijk muziekje. Hier zou ik een hele dag kunnen blijven, maar daar hebben we helaas geen tijd voor.
Aan de rand van het park staat het vol koetsen, en we kijken geamuseerd toe hoe gemene duiven het eten schaamteloos uit de voederbakken van de paarden stelen, zonder zich iets aan te trekken van het feit dat de paarden stuk voor stuk groter en sterker zijn. Tijdens onze laatste uurtjes in New York wandelen we nog een aantal mooie torens in. Het Plaza Hotel blijkt een stuk sjieker dan ons tweesterrenhotelletje in Queens, maar als je kamers vanaf 700 USD per nacht aanbiedt, mag dat ook wel. De Trump Tower is ook best de moeite, maar de bijhorende “public gardens” zijn toch een teleurstelling.
Ons weekendje in New York was heel koud, maar we hebben drie dagen kunnen genieten van een zo goed als wolkeloze hemel. We hebben weer heel wat nieuwe delen van de stad ontdekt, en voor het eerst vind ik het bijna jammer dat onze tijd in de Big Apple er alweer op zit. Bij het buitenrijden van de stad, komen we vast te zitten in het drukke avondverkeer, waardoor ik nog ongeveer een uur kan nagenieten van de tweedemooiste skyline ter wereld. Toegegeven, ik ben misschien een beetje bevoordoordeeld als het gaat over Boston. |
|||